Global

‡ In these countries please contact our distributor

HEALICOIL REGENESORB

Suture Anchor

HEALICOIL REGENESORB

Algemeen

Het ontwerp van het HEALICOIL-anker wordt gekenmerkt door een opvallende open architectuur waardoor nieuw bot de ruimten tussen de draden kan opvullen en bij 12 weken na implantatie ingroeit in het centrale kanaal, zoals aangetoond in een preklinisch onderzoek bij schapen.1


Het HEALICOIL-anker is nu beschikbaar in nieuw REGENESORB-materiaal, een geavanceerde biocomposiet waarvan in preklinische studies is aangetoond dat het binnen 24 maanden wordt geabsorbeerd en volledig vervangen door bot.2
REGENESORB-materiaal is een unieke formulering van PLGA, ß-TCP en calciumsulfaat – die alle in decennialang klinisch gebruik bewezen veilig en biocompatibel zijn gebleken3
De meeste biocomposietmaterialen steunen uitsluitend op de osteoconductieve eigenschappen van ß-TCP, dat in een periode van 18 maanden voor aanhoudende botvorming zorgt4 en primair functioneert als geraamte voor versterking van de vorming van nieuw bot.5 REGENESORB-materiaal bevat een tweede osteoconductief materiaal, calciumsulfaat, waarvan is aangetoond dat het werkt in de vroege stadia (4–12 weken) van botgenezing6 en vergezeld gaat van verhoogde spiegels van lokale groeifactoren.7

Referenties

1. Validatie 15001193 en in WRP TE024-94. Opmerking: Gegevens afkomstig van dieronderzoek zijn niet per se indicatief voor klinische uitkomsten bij de mens. Deze resultaten zijn niet aangetoond bij mensen met uiteenlopende botkwaliteit op basis van specifieke ziekten als osteoporose. Het effect van de vorming van nieuw bot op de pull-out sterkte is niet aangetoond.
2. In-vivo-onderzoek bij dieren heeft aangetoond dat REGENESORB-materiaal biologisch absorbeerbaar is en door nieuw bot wordt vervangen. Implantaten (9 x 10 mm) werden geïmplanteerd in poreus schapenbot en vergeleken met een leeg defect (9 x 10 mm) bij 6, 12, 18 en 24 maanden (n = 6). Uit micro-CT-analyse bleek dat bij 24 maanden de botingroei in dit materiaal (289,5 mm3) aanzienlijk groter (p < 0,05) was dan de botingroei in een leeg defect (170,2 mm3) en dat een botvolume wordt bereikt dat niet statistisch verschilt van gaaf bot (188,2 mm3). Er is niet gebleken dat de resultaten van in-vivo-simulatie een kwantitatieve voorspellingsbasis bieden voor klinische prestatie. Gegevens beheerd door Smith & Nephew in rapport 15000897.
3. Peltier et al. Ann Surg (1957) Vol. 146(1). Suchenski et al. Arthroscopy (2010) Vol. 26(6).
4. Costantino PD, Friedman CD. Craniofacial Skeletal Augmentation and Replacement (1994) Vol. 27(5).
5. Ogose et al (2006) Biomaterials Vol. 27(8).
6. Zie noot 4.
7. Walsh et al. Clin. Orthop. and Rel. Res. (2003) Vol. 406.